terug naar vorige pagina
Familiegeschiedenis van der Mark- Kool

Op basis van herinneringen van: Ria Kragten- van der Mark (Maria Margaretha) en Marga Jöris- van der Mark (Margaretha Johanna)

Deel 1: Wie zijn wij?

Het klopt aardig: wij zijn vernoemd naar onze grootmoeders. Ria, de oudste geboren 18 februari 1944, naar de moeder van vaderszijde. Marga, de jongste geboren 27 januari 1952, naar de moeder van moederszijde. Hiertussen zit broer Kees (geboren 10 november 1947) met als eerste naam Cornelis, de vader van moederszijde en als 2e naam Johannes de vader van vaderszijde. Iedereen uit onze vorige generatie is overleden, wellicht is dat de reden van het vorsen naar voorouders. Alleen niemand kan ons er iets over vertellen. We moeten het hebben van eigen herinneringen. Als wij samen praten over vroeger blijkt dat wij, hoewel wij slechts 8 jaar in leeftijd verschillen, toch vaak een ander idee hebben. Als we het over onszelf hebben dan gaat het ook over Utrecht, de stad waar wij zijn geboren en getogen. Pas enige jaren na ons trouwen vertrokken we naar Gelderland. Ria in 1970 naar Scherpenzeel en vervolgens in 1996 naar Ommeren en Marga in 1975 naar Tiel, zodat we thans import-Betuwnaren zijn. Maar toch blijft: 'Uterèg me staàtsie in het haàrtsie vaàn 't laànd'.

Het huis waar Ria geboren werd: Coornhertstraat 8 bis, Utrecht

Ik (Ria) ken het alleen van de foto's van het balkonnetje. Ik veronderstel dat ik daar met mijn oma, mijn tante Ton en mijn moeder woonde. Mijn vader was in Duitsland. Ik was net 1 jaar toen we, na de oorlog, verhuisden naar de Ooftstraat16 in Utrecht. Toch is de Coornhertstraat me niet onbekend. Mijn oma woonde op nummer 8, verhuisd van boven naar beneden. Met mijn tante Ton en een nog niet getrouwde (terug uit Duitsland) oom Gerard? Ik zie me nog logeren en slapen bij mijn oma in bed in de voorkamer. Oma huwde in 1948 voor de 2e keer en verhuisde naar Rotterdam. Oom Gerard, de broer van mijn moeder, woonde vervolgens op nummer 8 en tante Ton, de zus van mijn moeder, op nummer 10. Hierdoor heb ik wel een beeld van de benedenhuizen. Een gang met een wc rechtdoor aan het eind. Een voorkamer die ouderslaapkamer was, een achterkamer (een beetje langwerpig) Links om de hoek was een keuken, groot genoeg volgens mij om met zijn allen te eten. Ergens in het midden was nog een slaapkamer. Geen raam naar buiten. Er zaten bovenin 2 ramen. Het ene boven de gang, het andere boven de keuken. Ik snap alleen niet waar de ingang van die slaapkamer was. Als ik dit ga tekenen kom ik er niet uit. Het zal wel komen door die bovenhuizen, die namen met hun trap natuurlijk ook een deel van de ruimte in beslag. Ik ben in die periode ook wel eens boven geweest. In 'mijn' huis woonde de familie van der Lee. Achter was een klein plaatsje, grenzend aan de Croeselaan. Dat waren me toch grote huizen in mijn verbeelding.

Het huis waar Marga geboren werd: Ooftstraat 16, Utrecht

Tegelijkertijd is dit het huis en de straat waar wij beiden tot ons trouwen (resp. 1965 en 1973) woonden. N.B. Oofstraat 14 is het huis waar Gerrit Thomas Rietveld op 24 juni 1888 werd geboren, al wisten we dat niet toen wij er woonden. We wisten zelfs niet wie Gerrit Rietveld was. Als je binnenkwam had je gelijk links de WC. Zelfs ik (Marga) heb meegemaakt dat dit een 'droogplee' was. Later werd het een echt watercloset. Deze WC kwam een stukje meer van de muur, met het gevolg dat als je als volwassene naar de wc ging, je de deur haast niet dicht kon maken omdat die tegen je knieën kwam. Rechts zat een deur naar de voorkamer waar mijn ouders sliepen voordat er boven 3 slaapkamertjes getimmerd werden. In deze voorkamer ben ik geboren.

Wat ik (Ria) wel weet is dat ik in de nacht dat Marga werd geboren, bij de buren, de familie Schutte mocht slapen. Die hadden echte kamers boven. De voorkamer is later bij de woonkamer gekomen en de deur naar de gang dichtgemaakt. In de woonkamer hadden we een kolenkachel, vele jaren later werd dat een gaskachel, verder werd het hele huis niet verwarmd. De kolen lagen opgeslagen onder de trap. In de keuken, waar uiteraard eten werd klaargemaakt, moesten we ons ook wassen. Omdat we geen warm water hadden moest mijn moeder dan ketels water koken, waarmee ze een ijzeren teil vulde. Allemaal werden we met hetzelfde water gewassen. Mijn broer is er een keer vanaf de aanrecht te vroeg ingesprongen, gloeiend heet. Toen we uiteindelijk een geiser kregen werd er boven op de overloop een ijzeren douche geplaatst (thermo-tub) Het kamertje naast de keuken werd vroeger als zitkamertje gebruikt, de naaimachine stond er ook. Later werd het eetkamer en nog weer later is de muur eruit gebroken waardoor we een grote keuken kregen. De slaapkamers boven hadden een 'koekoek' 's Winters was het boven zo koud dat er ijsbloemen op het raam stonden.

De Ooftstraat in de wijk Wittevrouwen in Utrecht De Ooftstraat zo genoemd naar de vruchten die er vroeger groeiden. Wij woonden in de Ooftstraat op nummer 16. Wittevrouwen was een arbeiderswijk, hoewel er toch ook wel wat middenstanders en iets beter gesitueerden woonden. Er waren sowieso al 5 winkels (kruidenier, meubelzaak, melkboer, kapper, kleermaker) op de 32 huizen. Dan was er nog een loodgieterbedrijf, er woonde een huisschilder, een politieagent, een vertegenwoordiger, een deftige mevrouw e.d. Wij woonden in een 'betere arbeiderswoning'. De woning was eigendom van drukkerij Neerlandia in Utrecht waar mijn vader begon te werken toen hij 14 jaar was in 1934. Getrouwd en na de oorlog kreeg hij van zijn baas het huis in huur. Mijn vader was oorspronkelijk handzetter, later machinezetter. Zelf zei hij dat hij typograaf was. Wij hoorden dus wel in die straat, die een beetje naar de witte boorden wilde neigen, in tegenstelling tot de familie van onze vader die echte handwerkslieden waren.

Er waren veel scholen in de buurt. In de Bouwstraat was een protestante school, in de Poortstraat een andere protestante school, in de Oude Kerkstraat was ook een school (een openbare?), een montessorischool in de Pallaesstraat. Hier was ook de RK meisjes mulo. Voor het overige waren de rooms katholieken scholen in de Deken Roesstraat en Adriaanstraat. Eigenlijk was het een groot scholencomplex met allemaal aparte ingangen. Vanuit de Deken Roesstraat was er eerst een ingang voor de bibliotheek, dan voor de gymzaal. Dan de ingang voor de jongensschool de lagere en de mulo, als laatste in die straat de ingang voor de kleuterschool. Om de hoek in de Adriaanstraat was de Theresiaschool voor meisjes, daarnaast een ingang voor de kleuterschool, dan een ingang voor de lagere school voor meisjes die niet doorleerden en dan misschien nog wel een onduidelijke ingang. Die scholen kwamen aan de achterkant allemaal bij elkaar en grensden aan de Biltstraatkerk. De speelplaatsen waren met lage muurtjes van elkaar gescheiden en ook weer aan elkaar verbonden. Jongens en meisjes hadden niet tegelijk speelkwartier. De Theresiaschool zat met de ingang in de Adriaanstraat maar werd de Deken Roesstraatschool genoemd. We moesten ook altijd de trap op. De kleuterklassen en de jongste kinderen zaten beneden. De RK scholen dateerden van 1888.

Waar komen onze voorouders vandaan?

Teruggaand tot halverwege de 18e eeuw kunnen we niet anders zeggen dan dat onze familie aardig honkvast is. Vrijwel iedereen komt uit de provincie Utrecht en dan vnl. het westen, Werkhoven is de meest oostelijke plaats. Zuid Holland bereiken we bij Woerden dat nu of in het verleden wel eens van provinciestuivertje wisselde en bij Vianen. Maar hiep hiep hoera, één voorouder vonden we in Rotterdam, zijn naam: (108) Willem Vroman, geboren in 1796. Zijn ouders zijn Huijgo Vroman en Marritje Vuijk, verdere gegevens ontbreken nog.



verder naar volgende pagina