

|
|
Ollebolleke
Vriendelijk jongetje
Woutertje Pieterse
Dichtte een versje voor
Buurjuffrouw Laps.
Over "Gods Heerlijkheid
Opperstemajesteit"
sprak zij in prozataal:
"Dát is iets knaps!"
Lente haiku
Zacht vallen druppels,
de streling van meiregen:
het wenen van God.
Leed
Goudkarpers dreven in de vijver.
De cavia knaagde aan mijn pink.
De poes kwam onder een auto.
De wandelende tak liep weg.
Een witte rat werd opgevreten.
De papegaai viel van zijn stok.
Buiten was een diepe vijver.
Ik at niet meer, maar dronk.
Later kreeg ik dan een kater,
Ik huilde om het dierenleed.
Tien regels
1) Ik ben ik.
2) Ik vergeef de misdaden van uw vaderen.
3) Ik ben weleens ijdel.
4) Ik rust wanneer ik dat wil.
5) Ik eer mijn vader en moeder.
6) Ik ga niet rood staan.
7) Ik breek soms iets en gooi het weg.
8) Ik steel niet.
9) Ik lieg zelden.
10) Ik ben niet afgunstig.
Ana's Gram
Wees een giebel in België
een Hollandse salonheld,
ga je Engelse natte tante geselen.
Praat apart met Franse frasen,
doe een Duitse studie,
wordt gevoelig gelovige
of krijg het Rooms smoor.
Lik kil elke Deense snede,
keel Hongaren met hangoren.
Pas op voor Kelten
die buiten adem sap lekten
op Tunesisch schuinste dame.
Een goede raad?
Nee gedoe daar!
Ars Magna Anagrams?
|